55. Het Leger des Heils rukt op!

Frederik en Matthijs pakken hun ‘Super Swing’ weer in en kachelen vrijdagmorgen richting de Veluwe, waar Matthijs diezelfde avond nog een inleiding voor de jeugdvereniging moet houden…!
Ondertussen maken wij gauw negen nieuwe bedden op. Onze vrienden Raymond en Janette zijn onderweg om het weekend bij ons door te brengen én het Leger des Heils treedt aan. Maar liefst zeven handige jongens werpen zich in de strijd tegen de chaos.

We verzinnen het niet. Freek heeft het verzonnen, om precies te zijn. Freek is een Apeldoorner die als hulpverlener bij ‘het Leger’ werkt. Hij voelt er veel voor om met zijn mannen te komen klussen in ruil voor een vakantieweek voor deze zelfde club volgend jaar. Het lijkt te mooi om waar te zijn, maar het wordt werkelijkheid: behalve bulderende lachsalvo’s en akelig gevatte opmerkingen klinkt er de hele week overal op ons terrein gehamer en geklop en gezaag.
Wat we zelf nooit voor elkaar hadden gekregen lukt nu wel. Het appartementenhuis beschikt al snel over stromend water. In een van de badkamers wordt zelfs het ligbad in gebruik genomen. Met warm water. De lampen branden weer, het oerwoud rondom verandert geleidelijk aan in een tuin, de scheuren in de veranda worden gedicht en Harold en Jeannette hoeven niet meer via de slaapkamer van Matthias hun eigen slaapkamer te verlaten.
Het is een wonderlijke week die zich niet in woorden laat vangen. Elke dag zijn er ontroerende ontmoetingen met bijzondere mensen en hun aangrijpende geschiedenissen. Elke avond genieten we van een driegangenmenu om ú tegen te zeggen, dankzij de topkok die het Leger ook nog eens meebracht. Daar wordt dankbaar van genoten, terwijl de klussers hun belevenissen van de afgelopen dag delen en elkaar allerlei innige hartelijkheden toevoegen:’Jongen, jij hebt nu eenmaal het IQ van een bevroren visstick in paringstijd!’

2016-09-25-photo-00002202

Janette en Jeannette aan de Worthersee.

dsc_0786

dsc_0787

dsc_0796

dsc_0789

dsc_0788

dsc_0801

dsc_0781

De veranda aan het begin van de week, en…

dsc_0803

.. aan het eind van de week.

dsc_0792

Koffietijd in de tuin.

dsc_0804

Nog geen slot op de badkamerdeur? De heren hangen gewoon een stoel aan de deur als ze gaan douchen.

dsc_0784

Exclusieve diners.

dsc_0783

54. Naar de Wiesenmarkt

wiesen-7

Gefeliciteerd, Tobias!

Feest in Karinthië: Tobias is vandaag 5 jaar én de Wiesenmarkt in Sankt Veit wordt voor de 655e keer gehouden. De dames trekken hun Dirndles aan en we gaan genieten van de traditionele boerenmarkt die al sinds 1362 een begrip is in Karinthië.

wiesen-6

wiesen-1

wiesen-2

wiesen-9wiesen-8wiesen-5

wiesen-3

Een enorme pan heeft-ie al aangeschaft, nu nog onderhandelen over een koeienkop voor Matthias…

wiesen-4

Ja, hoor: op de kop getikt!

53. Duizelingwekkend

Als de kinderen van vele meters hoogte in vliegende vaart tussen de bomen naar beneden komen suizen, wrijven we onze ogen uit. Het bos vlak naast onze overwoekerde  tennisbaan schijnt te zijn veranderd in een oerwoud, compleet met heen en weer slingerende wezens die triomfantelijke kreten slaken! Frederik – een broeder uit de kerk in Apeldoorn – is aan komen waaien met zijn vriend Matthijs. De jongens hebben in Hongarije geklust en logeren op de terugweg een paar nachten bij ons. Ze helpen Rachel met haar huiswerk, zetten Maria’s bureau in elkaar en zorgen vooral voor veel gezelligheid. En avontuur niet te vergeten. Uit hun bestelbus trekken ze een ladder en enkele lijnen, waarmee ze een reuzenschommel in elkaar knutselen. Het ding werkt als een soort katrol waarmee ze elkaar om beurten omhoog -héél hóóg- hijsen waarna ze het touw plotseling laten vieren. Degene die in de schommel hangt stort dan een eind omlaag om vervolgens nog lang heen en weer te zwaaien tot duizelingwekkende hoogten. Maria, Matthias en Rachel mogen ook, en hebben de tijd van hun leven!

dsc_0720

dsc_0723

52. Krankjorum van kastjes en muren

Buiten is het donker en stil, binnen klinkt gerammel aan de tralies. De katjes, die in de bench moeten gaan slapen, leggen zich nog niet neer bij hun gevangenschap. De hele dag en de hele avond genoten ze de vrijheid van de woonkamer en dan is zo’n ‘plötzliche Beschränkung’ van hun ‘Lebensraum’ ‘nicht toll’.

Voor ons was deze dag ook niet bepaald ‘toll’. Vanmorgen een verzekerings-iemand over de vloer die meer dan tweeënhalf uur bleef, terwijl er uiteindelijk geen enkele verzekering werd afgesloten, omdat we nog niet in het ‘Grundbuch’ staan. Of zoiets…. Onduidelijk is of de boel nu wel verzekerd is. De vorige eigenaar heeft ons verzekerd van wel… Als bewijs stuurde hij een aanmaning uit het jaar 2012 waar een polisnummer op stond, en daarbij een dreigement dat de verzekering niet meer dekkend was als er niet gauw betaald werd.

Zonder verzekering leef je in afhankelijkheid, dat is niet verkeerd. De verzekeringsagent bond ons echter op het hart wel zo snel mogelijk een ziektekostenverzekering af te sluiten. Soms moet je inderdaad je verantwoordelijkheid nemen. Dus ’s middags meteen maar heel behoedzaam (want misschien niet of slecht verzekerd) naar de Gebietskrankenkasse aan de Klempstrasse in Klagenfurt. Een aardige jongeman verwijst ons naar kamer 117 op de eerste verdieping. De deur van ‘Raum 117 ist zu. Keiner ist drinnen. Es ist dunkel.’ Een kantoor verder werken twee bebaarde jongemannen achter platte beeldschermen. Zij weten de gezette dame van 117 ergens in het gebouw op te duikelen. We zijn bij haar aan het verkeerde adres, vertelt ze ons onomwonden. We moeten naar de Bahnhofstrasse, naar de Wirtschaftskammer. Daar kan Jeannette zich als zelfstandige laten inschrijven en de verzekering volgt dan vanzelf.

Heel voorzichtig – want misschien nog steeds niet goed verzekerd- rijden we naar de Bahnhofstrasse. ‘Pas op!’ roept Jeannette als we een leeg kruispunt naderen.
Het gebouw van de Wirtschaftskammer heeft een stuk of drie entrees. De derde blijkt de juiste. ‘Ja, genau, ich bin Schriftstellerin und ich übersetze’, zegt Jeannette op haar allernetste Duits tegen de vriendelijke receptioniste. Het maakt indruk. Jeannette mag een formulier invullen. Harold kijkt verbijsterd wanneer zijn vrouw gewoon weer zíjn achternaam plus háár meisjesnaam opschrijft, een daad die eerder al eens tot uren vertraging, tientallen telefoongesprekken en grote beroering in de Oostenrijkse bureaucratie heeft geleid. Dit keer doet de dubbele naam gek genoeg weinig stof opwaaien. Over een ‘halbe Stunde’ zullen we verder geholpen worden. ‘Da’s een heel half uur’, zeggen we, en we kijken elkaar verschrikt aan. We hebben geen keus, en dus pakken we een krant en maken we het ons gemakkelijk, al laat Jeannette zich nog wel diverse malen spijtig ontvallen dat ze haar ‘werk’ had moeten meenemen.

De blonde dame die ons uiteindelijk meetroont, voorziet ons ook al niet van een verzekering. ‘Sie sind hier falsch’, zegt ze vriendelijk maar beslist. En na een heel verhaal over  ‘neue Selbständige, Versicherungsrecht, SVO, Gebietskrankenkassen’ en nog veel meer wijst ze ons de weg van dit kastje naar de volgende muur.
Harold wil weg, zo snel mogelijk. Jeannette roept op de drempel nog ‘vielen Dank!’ Dan gaat het op een holletje naar de auto. Onverzekerd…

PS Inmiddels zijn we een dag verder. Van talloze kastjes zijn we naar even zovele muren gestuurd. En weer terug. Heel Klagenfurt crossen we door. Bij elk kantoor waar we aankloppen, wordt het ingewikkelder. Zeeën van tijd en energie heeft het inmiddels gekost. Bergen ergernis heeft het opgeleverd. Plus een verplicht verzekeringetje voor ons bos, waar we helemaal niet voor kwamen. Hoe en waar we in dit land ooit een ziektekostenverzekering kunnen krijgen, is ons een raadsel!

bos-1

Ons bos, daar kunnen we wel een (ongevallen)verzekeringetje voor krijgen. Maar dat is dan ook alles.

bos-3bos-4bos-2

51. Onverwacht bezoek

Na negenen – de kinderen liggen op bed, Jeannette zit al in pyjama- komt er een auto de berg op. We spitsen onze oren. Een auto? Hier? In het aardedonker?
Zelfs de postbode die slechts eens in de zoveel dagen omhoog komt, rijdt niet door tot aan het woonhuis, maar laat de post achter bij het appartementenhuis beneden. Bovendien komt die niet in het donker. Wat heeft dit te betekenen?
Tot onze verrassing stopt er een wagen met ‘Herzlein’ erop voor onze deur! ‘Herzlein’ is het winkeltje van de Nederlanders Arjo & Gerdien Quint, die vijf jaar geleden met hun gezin naar Karinthië verhuisden. Anderhalve week geleden mochten we bij hen in de tuin de doopdienst van hun achtste kind bijwonen, geleid door pfarrer Mayer van Rankweil. Het werd een bijzondere zondagmorgen daar onder de appelboom in de zon. En nu wippen de Quints met de kleine dopeling van pas bij ons aan. Ze waren in Klagenfurt en besloten even in Zmuln te gaan kijken. Voor ons een verrassing. Was het in Nederland de gewoonste zaak van de wereld dat er onverwacht iemand binnen stapte, hier is ook dit bijzonder!

14196095_1758771267722521_9040432075914553137_o

Zondag 4 september bij de Quints in Sachsenburg

http://www.rd.nl/meer-rd/samenleving/emigrant-gerdien-quint-terug-in-de-tijd-in-oostenrijks-bergdorp-1.1123131

 

50. ‘Vreselijk!’

Je zult maar als nieuweling terechtkomen in een groep tieners die elkaar allemaal al kennen, die je niet verstaat en die jou evenmin verstaan… Maria en Matthias zien als een berg tegen de eerste schooldag op (al deugt die vergelijking niet, want de bergen zijn hier prachtig.)

Op maandagmorgen rond zevenen vertrekken ze met Jeannette richting de Neue Mittelschule in Sankt Veit. Na wat oriënteren hebben we namelijk  besloten dat ze daar in elk geval een tussenjaar zullen doen om de taalachterstand in te halen voordat ze eventueel terug naar het gymnasium gaan.

Het mooie landschap is, zoals meestal ’s morgens vroeg, nog in nevelen gehuld. ‘Past precies bij deze dag’, zucht Maria. Matthias beaamt het hartgrondig: ‘Ja, sómber!’

dsc_0671

Sankt Veith, maandagmorgen 8.00 uur

dsc_0670Terwijl Jeannette loopt te genieten van het historische stadje Sankt Veit, waar al snel de morgenzon op de oude gevels valt, maken Maria en Matthias kennis met hun mentrix en hun klas. Allebei gaan ze naar de derde, zodat ze elkaar thuis kunnen helpen, heeft de directeur besloten. Maar om te voorkomen dat ze met elkaar Nederlands gaan praten, zitten ze niet in dezelfde klas. Na slechts één uurtje, klokslag kwart voor negen, zit deze eerste schooldag er alweer op, maar broer en zus weten genoeg: Maria vindt het ‘niet echt leuk’, Matthias, die in Nederland ook al liever ging vissen dan dat-ie op school zat, vindt het hier zelfs ‘vreselijk!’ Hij heeft geen woord van het Karinthisch verstaan en gaat ‘er ook nooit een woord van verstaan.’ Het vooruitzicht dat ze de volgende morgen met de klas moeten gaan wandelen, maakt de toestand er niet beter op.

 

Dinsdagmorgen reist het tweetal met hun klassen per trein naar het oude Friesach. Halverwege de ochtend sturen ze een ‘selfie’ naar huis. Het bijschrift: ‘Het is leuk!!!’

img_3385

Selfie vanuit Friesach: ‘Het is leuk!!!’

Laaiend enthousiast komen ze terug. De treinreis was prachtig. De ‘wandeling’ bleek bij nader inzien een bezoek aan een expositie van opgezette dieren die in deze omgeving leven: herten, reeën, vossen, roofvogels, zelfs een wolf en een beer. Een jager verzorgde de rondleiding. Hij vertelde honderduit en vooral Maria had het meeste wel verstaan. Na afloop liepen ze nog een rondje over de eeuwenoude stadsmuren. ‘En een jongen uit mijn klas heeft al gevraagd of ik met hem ga vissen’, deelt Matthias tevreden mee.
Ook de eerste echte lesdag (vanochtend, ’s middags zijn de leerlingen altijd vrij) valt mee. De taal went sneller dan gedacht. Als we vragen of kinderen hier anders zijn dan in Nederland, zeggen Maria en Matthias allebei stellig: ‘O ja! Ze luisteren beter!’ Zijn de docenten dan strenger? ‘Nee’, vindt Matthias. ‘Ze hebben gewoon veel meer gezag’, denkt Maria. Als een leraar of lerares het te rumoerig vindt worden, steekt hij of zij z’n hand op; van alle leerlingen wordt dan verwacht dat zij zwijgend hetzelfde doen, zodat het meteen weer stil wordt in het lokaal. Als er een leerkracht binnenkomt, staan alle leerlingen op. ‘Bijzonder irritant, aldus Matthias:). Maar kennelijk werkt het goed.

 

 

 

 

49. En handig dat we worden…

Oké, we moeten KOUOUOUOUD douchen momenteel. En in de eetkamer doen de lampen het niet, zodat we bij kaarslicht dineren. Maar zijn we verder niet goed bezig…?

49-handig-1

49-handig-5

49-handig-6

Wat een gepuzzel – zonder Opa!

49-handig-11

Gevonden voorwerpen!

49-handig-10

De voorstelling kan beginnen

49-handig-2

Dit worden pas echt Oostenrijkse koekjes

49-handig-3

Hoezo oververhit?

 

 

48. Opgelost

‘We moesten ‘Steine’ tekenen, maar ik wist niet wat ‘Steine’ was, dus toen ging een jongen naar buiten om een paar stenen te halen’, zegt Rachel. We lachen allemaal met haar mee.
Vandaag,vrijdag, is ze voor het eerst met de bus naar school geweest. Iets na zevenen wandelden we het weggetje af tot in Zmuln, onze woonplaats van welgeteld zeven huizen inclusief die twee van ons. De hele wereld rondom was in dikke nevels gehuld waardoor we niets

48-1

Voor het eerst op weg naar bus

anders zagen dan mist, met een zilveren bol van de zon die daar prachtig doorheen brak. Totdat een kleine, witte bus opdoemde, waar een vriendelijke, vrolijke chauffeur uitsprong die de schuifdeur voor Rachel opende zodat ze met haar rugzak en twee grote tassen vol schriften en andere schoolspullen naar binnen kon klauteren. Er zat nog maar één ander meisje in de bus, die vervolgens in de richting van de Zmulner See verdween.

48-2

7.20 uur – Daar gaat ze…

Toen de klok van Zweikirchen twaalf geslagen had, werd Rachel op hetzelfde plekje, nu echter zonovergoten, weer afgeleverd. Jeannette en Maria die haar opwachtten hadden inmiddels kennis gemaakt met de moeder van een meisje dat één klas lager dan Rachel op dezelfde school zit, een enorm aardige ‘buurvrouw’ die meteen al zei dat ze er graag voor ons is als we haar nodig hebben.

48-3

12.05 uur – …en daar komt ze weer!

Alles is anders op de nieuwe school. Alleen al het vroege tijdstip waarop de lessen beginnen: kwart voor acht, terwijl de kinderen ’s middags altijd vrij zijn. En dan de inkopen die je moet doen. (Superleuk! vindt Rachel.) Gisteren hebben we in Klagenfurt een wagen vol schriften, pennen, potloden, stiften, scharen, lijm, haaknaald, werkkoffer, tekendoos, verf, krijt, mapjes die we nog nooit eerder gezien hebben enz. enz. gehaald, alles volgens speciale instructies van de school. En natuurlijk ‘Hausschuhe’, want de schoenen blijven buiten het klaslokaal staan. De dagopening bestaat uit het slaan van een kruis en ‘een soort van’ Bijbelverhaal, vertelt Rachel.

Vandaag mocht ze een tijdje met haar juf mee. Die schreef de getallen 1 tot en met 10 in het Duits op en Rachel moest ze in het Nederlands erachter zetten. Juf liet een plaatje van een potlood zien, waar het woord ‘Bleistift’ bij stond en Rachel mocht zeggen hoe dit in Nederland heet. Leuk en handig zo’n juf aan wie je Nederlands mag leren!
Thuis vertelt Rachel over school alsof er van een taalbarrière nauwelijks sprake is. ‘Christine vroeg in de pauze…’ ‘Rafaël zei…’ ‘Maandag moeten we een pasfoto meebrengen’ ‘Een jongen moest huilen omdat…’ ‘De plastic hoesjes die we hebben gekocht, zijn te klein. Als je die dubbelvouwt moet er een A4’tje in passen.’
Vragen we hoe iemand het precies zei, dan weet ze het niet, maar begrijpen doet ze het meeste wel. En als dat een keer niet lukt, dan wordt het blijkbaar ook wel opgelost. Dan haalt iemand buiten gewoon een paar stenen bijvoorbeeld.

47. Rachel vertelt…

dsc_0599‘Vandaag ben ik voor het eerst naar school geweest. Ik moest heel vroeg opstaan, want het begon al om acht uur, maar om half tien was het alweer afgelopen. Papa en mama hadden een kaart bij mijn ontbijtbordje gezet. Daar stond op: Der gute Hirte fuhrt dich sicher! Dat betekent: De goede Herder voert je veilig! Daar ben ik heel blij mee! We stapten in de auto en we gingen op weg naar school. Toen we bij school waren gingen we naar een grote hal daar waren heel veel kinderen. De jongste kinderen die voor de eerste keer naar school gingen (die waren al 6) hadden een puntzak met snoep van wel een meter!

school-2

Puntzakken met snoep van wel een meter!

We liepen naar een kerk heel dicht bij de school. Twee juffen deden een gesprek na de een was  de stem van Abraham en de ander was de stem van de Heere. Het ging over dat Abraham niet weg wou uit zijn land het was heel mooi en ik kon het ook heel goed verstaan. Ze zongen ook veel mooie liedjes. De dominee was bruin en had een groene jurk aan en was heel vrolijk. We gingen weer terug naar school en de groepen gingen naar hun eigen klas. Mijn klas ook. Ze deden allemaal hun schoenen uit en zetten die onder een bankje in de gang. We kregen wat informatie over schriften en tekenspullen die we moeten kopen en  alle kinderen stelden zich aan mij voor en de juf vertelde dat ik uit Nederland kwam en dat ik geen Duits kan. De meeste kinderen zijn 9 net als ik of 10 en we zitten in de vierde klas dat is de laatste klas van de school. Ik zit naast een meisje dat Simone heet ze lijkt mij heel aardig. Ik heb nu al zin in morgen!

Groetjes Rachel’

dsc_0596

In de kerk

46. Twee weken in Karinthie, dat was…

…dat je wéér wat kwijt was en dat Jelle dan riep: ‘Zit in de vierde verhuisdoos van onder, zesendertigste rij van achter!’

Twee weken 3
…dat je nog wel dacht de kerkklok van Lieren te zullen missen, en dat toen bleek dat het gebeier van kerkklokken je hier vanuit het dal tegemoet klinkt
…dat Matthias opgetogen thuiskwam met de mededeling dat we een piepklein watervalletje in ons eigen bos hebben
…dat Maria aan de Zmulner See al volop zat te kletsen met een gezin uit de buurt: ‘En als ik een woord niet in het Duits weet, zeg ik het gewoon in het Engels.’
…dat Matthias en Rachel de volgende middag van het meer terugkwamen met de mededeling dat ze wildvreemde mensen hadden gesproken die al precies wisten dat wij uit Holland komen en met z’n vijven zijn en een vakantiehuis gaan beginnen…
…dat Tobias het niet eens meer rook als je een kluifje voor zijn neus legde terwijl hij sliep, zó moe was hij van het op en neer rennen tussen de twee huizen hier op de berg.
DSC_0368

…dat Rachel buiten adem het bos achter het huis uit kwam rennen, omdat er een groot lichtbruin beest langs haar heen was gevlogen – dat bij nader inzien een vos moest zijn geweest
…dat de broodmagere venijnige katjes die ons beten en krabden al na een paar dagen tevreden bij de kinderen op schoot zaten te spinnenDSC_0510-klein

…dat je vanuit het keukenraam zomaar een zwarte eekhoorn met witte buik door de bomen zag springen
…dat op de dag dat we hier een week woonden de regenboog boven het dal stond
…dat het uitzicht altijd weer anders was met nevels, en morgenzon en avondlicht en witte wolken en –afhankelijk van hoe helder het is- wel of geen bergen in de verte
…dat je gewoon een wasrek op het weggetje voor het huis kon zetten omdat hier nu eenmaal toch nooit iemand kwam