Donderdagmorgen. In het dal klinkt een  zwaar geronk. Het geluid zwelt aan, komt bergopwaarts. De koekoek staakt zijn lied. Een eekhoorn vreest voor zijn veiligheid en springt hoger in de boom. Tobias zet zijn haren overeind en gromt. Harold staakt zijn werk, leunt op zijn schop en kijkt nieuwsgierig, maar ook wat bevreesd, het weggetje af. Daar verschijnt een monsterlijke tractor.  Het gevaarte is uitgevoerd in gele vlammen met draken en vurige paarden. De rook uit de glimmende knalpijp is zwart, het gebrul van de motor oorverdovend. Achter de tractor hangt soort maaimachine, denkt Harold. ‘Grüss Gott! Firma Stark’, roept de bestuurder nadat-ie uit zijn cabine is gesprongen. Op z’n Kärntnerisch vraagt hij wat er gefreest moet worden. Da’s waar ook, denkt Harold. Er zou gefreest worden. Wat het precies inhoudt, weet-ie niet. Maar dat zal gauw veranderen! Hij geeft wat vage aanwijzingen. De chauffeur roept iets van ‘Jetzt geht’s los!’,  klimt op z’n trekker en geeft zoveel gas dat de ruiten in het appartementhuis ervan rinkelen. Een keienregen vliegt in het rond. Ontelbare stenen kletteren neer op de balkons. Harold zoekt dekking en kijkt van zijn schuilplaats z’n ogen uit.  De ‘maaimachine’ vermorzelt alles wat op zijn weg komt: oude graszoden, onkruid dat tot deze ochtend nog welig tierde, verdwaalde stoeptegels, een oude composthoop, restanten van de vijftig grote vuren die we gestookt hebben. In gezwinde spoed wordt het oerwoud met grond gelijk gemaakt.
Opeens beginnen tractor en frees hevig te beven. De bestuurder kijkt beduusd uit zijn cabineraampje: de frees delft bij een groot brok graniet het onderspit. Grote keien, tegels, bakstenen vermaalt-ie zonder enige noemenswaardige moeite, maar graniet is zelfs voor dit apparaat andere koek. De chauffeur laat het er niet bij zitten en zet de frees nog eens op het stuk harde natuursteen. De frees knarst hevig; rookwolken omhullen de brullende tractor. Tevergeefs: het graniet geeft niet mee. Ook de robuuste stalen pijp van de oude wipwap, die in het onkruid verstopt lag, blijkt te veel gevraagd. Voor de rest wordt alles netjes fijngemalen en geschikt gemaakt voor een groene grasmat, zodat de gasten binnenkort over een frisgroen grasveld naar het zwembad, naar de speelplaats, naar de wasmachineruimte kunnen lopen.